Foto: Roelof Pot

Steden en dorpen veranderen in hoog tempo. Technologisering en digitalisering spelen daarbij een grote rol. De smart city biedt kansen, maar er zijn ook zorgen. Gemeentes moeten daarom keuzes maken over hoe de techniek onze leefomgeving beïnvloedt, stellen Heerd Jan Hoogeveen en Anita Nijboer.

Nijboer is partner en advocaat omgevingsrecht bij Ekelmans & Meijer Advocaten. Hoogeveen is directeur bij StartupUtrecht en voormalig programmamanager Dienstinnovatie bij de Economic Board Utrecht. Zij zijn twee drijvende krachten achter het boek ‘Smart & Leefbaar’  van de Future City Foundation. Het boek is een praktische handleiding voor het debat en de visievorming over de smart city dat door elke gemeente moet worden gevoerd. Dit artikel is een exclusieve voorpublicatie uit het boek.

Op de dag van het interview regent het. ‘Stel hè’, zegt Heerd Jan Hoogeveen als we even later droog in een café zitten, ‘dat je met technologie kan kiezen wanneer het regent. Moet je dat dan ook doen?’ Advocaat Anita Nijboer denkt even na. ‘Dat we dan terugdenken aan vroeger en zeggen: weet je nog, toen regende het nog spontaan. Dat zou heel handig zijn, maar misschien ook onmenselijk.’ ‘En dat is nou precies waar het bij de slimme stad om draait’, zegt Hoogeveen. ‘Is alles wat technologisch gezien mogelijk is ook wenselijk? En zo nee, hoe gaan we daar dan mee om?’

Privacy

Hoogeveen en Nijboer gaan snel. Al voordat de eerste koffie wordt geserveerd, worden er rigoureuze besluiten genomen: ‘Ik had het natuurlijk eerder moeten doen, maar nu doe ik het echt.’ Met één druk op de knop verwijdert Hoogeveen zijn Facebook-app. De reden? ‘Ze weten te veel!’ Nijboer en Hoogeveen zijn dezer dagen veel bezig met privacy. ‘Het is de reden dat ik hier aan werk. Ik liep door Amsterdam en zag reclamezuilen met daarin camera’s’, vertelt Hoogeveen. Hij vervolgt: ‘Ik vroeg aan een bedrijf dat ik kende of zij er betrokken bij waren, maar zij hadden er bewust voor gekozen om dat niet te doen. Zij vonden het te ver gaan. Toen dacht ik: hier moet ik wat mee.’ Nijboer: ‘Als het over privacy gaat, zeggen veel mensen: ik heb toch niets te verbergen. Maar als je vervolgens naar hun medisch dossier vraagt, zwijgen ze. Niet enkel illegale zaken zijn geheim.’

‘Bovendien gaat de smart city verder dan enkel privacy. Zelfs als je die reclameborden en hun camera’s privacyproof maakt, zijn burgers nog steeds zonder het te weten een reclameproefpersoon’, zegt de advocaat omgevingsrecht. Hoogeveen vult aan: ‘Dan gaat het dus niet meer over privacy, maar wel over autonomie. We hebben het dan eigenlijk over nudging. Ik vind dat misschien wel het meest verontrustende vooruitzicht. Dat je door iets als een algoritme gestuurd kan worden zonder dat je het weet.’

Waar ligt de grens?

‘Het gaat dan nog verder dan 1984. Het is niet alleen controle, maar ook manipulatie’, zegt Nijboer. Ze vervolgt: ‘Het is heel lastig om nudging juridisch gezien precies af te bakenen, want traditionele planningsinstrumenten zijn ook sturend. Dus waar leg je dan de grens? Wanneer gaat het te ver?’

Was die onzekerheid juist niet de reden dat jij je met dit onderwerp bezighoudt?’ vraagt Heerd Jan Hoogeveen. Anita Nijboer: ‘Klopt. Ik ben gespecialiseerd in omgevingsrecht en in privacyrecht, beide zaken die nauw met de smart city verbonden zijn. Toen de Future City Foundation vroeg of ik me vanuit die specialisatie in de slimme stad wilde verdiepen, ontdekte ik dat de wet eigenlijk nog niet zo ver is. Op het gebied van privacy is wetgeving al redelijk volledig, maar de wet is minder duidelijk over andere waarden als bijvoorbeeld autonomie, machtsevenwicht en menselijke waardigheid in een technologische omgeving. De smart city staat juridisch gezien echt nog in de kinderschoenen. Dat vind ik gelijktijdig zowel kwalijk als fascinerend.’

Morele keuzes

‘Ik denk wel dat de smart city verdergaat dan enkel wetgeving. Het is ook een politiek verhaal’, zegt Hoogeveen. ‘Daarom is het ook goed dat we met bandbreedtes werken. We zeggen niet hoe gemeenten het precies moeten doen, maar geven aan dat er verschillende mogelijkheden met verschillende consequenties zijn. Vervolgens is het aan de politiek om keuzes te maken.’ Nijboer: ‘Privacy kan dit nu al illustreren. De wetgeving daarover zegt welke data je mag verzamelen en hoe je dat mag doen, maar geeft geen oordeel over het doel van die datavergaring. Dat is namelijk een morele en daarmee politieke keuze. We willen gemeenten begeleiden bij dit soort dilemma’s.’ Hoogeveen: ‘Want als gemeente moet je nadenken over dit onderwerp, ondanks dat het misschien moeilijke en vreemde stof is.’

Om deze ‘moeilijke stof’ te illustreren: algoritmen. Wie het over de slimme stad heeft, ontkomt niet aan deze besluitvormende stukken code. ‘Algoritmen zijn nu al erg invloedrijk’, zegt Hoogeveen. ‘En moeilijk,’ vervolgt hij, ‘omdat veel algoritmen zichzelf ontwikkelen. Niemand weet dan hoe ze hun keuzes maken, zelfs de programmeurs niet.’ Nijboer: ‘We zijn overigens niet tegen algoritmen of de smart city.’ Hoogeveen is het hier mee eens: ‘De insteek is zeker niet negatief.’ Nijboer: ‘Ik zou het bijvoorbeeld heerlijk vinden als een algoritme een parkeerplek voor me vindt.’ ‘Wij geloven in de slimme stad. De slimme stad is dé manier om verstedelijking in goede banen te leiden’, vult Hoogeveen aan.

Level playing field

‘Wanneer is dit volgens jou een succes?’, vraagt Hoogeveen. Nijboer: ‘Het gaat erom dat er bewust over deze dilemma’s wordt nagedacht. Voor mij is het dus een succes als het in elke gemeente wordt besproken en overwogen. Misschien zelfs wel landelijk.’ ‘Vanuit economisch perspectief wil je inderdaad dat dit landelijk wordt omarmd’, beaamt Hoogeveen. ‘Alleen dan is er sprake van een level playing field.’ ‘Dat zou voor burgers ook goed zijn. Dan hoef je niet op basis van bijvoorbeeld de mate waarin een gemeente data gebruikt voor de smart city een woonplek te kiezen’, zegt Nijboer. Hoogeveen: ‘We willen gemeenten ook handen en voeten geven om met de slimme stad aan de slag te gaan. Over het algemeen lopen de grote steden voorop en is het voor kleinere gemeenten nog onbekend. Terwijl de slimme stad ook voor kleinere gemeenten veel kan betekenen.’ Nijboer is het hier mee eens: ‘Het moet gemeenten zelfvertrouwen geven in de smart city.’

Het boek ‘Smart & Leefbaar’ verschijnt op 12 november. De digitale versie is gratis, de papieren versie kost 25 euro (incl. btw). Meer informatie vindt u bij Future City Foundation. U kunt het boek daar ook bestellen.

Anita Nijboer is partner bij Ekelmans & Meijer Advocaten. Ze adviseert en procedeert op het terrein van het algemeen bestuursrecht en het omgevingsrecht. Daarnaast is ze gespecialiseerd in privacyrecht. Nijboer geeft regelmatig cursussen op het gebied van het omgevingsrecht. In die hoedanigheid is ze ook gastdocent aan de Universiteit van Amsterdam.

Heerd Jan Hoogeveen is directeur van Startup-Utrecht, waar hij zich inzet om met een groot aantal partijen een start-upvriendelijk ondernemersklimaat te creëren. Tot 1 september van dit jaar was Heerd Jan domeinmanager diensteninnovatie bij de Economic Board Utrecht, waar hij zich onder meer bezighield met de smart city. Daarnaast was hij politiek actief in de gemeenteraad van Woerden, als fractievoorzitter van D66 Woerden.

Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl