De Federatie Opvang maakt zich grote zorgen over de huisvesting van lagere inkomensgroepen in Nederland. ‘Het risico op dakloosheid neemt toe’, meldt de Federatie. De Tweede Kamer ziet de nood van de zaak en neemt via een motie een nationaal noodplan aan om minstens 15.000 betaalbare woningen per jaar te bouwen. Stadszaken onderzoekt: waarom verliezen steeds meer mensen een dak boven hun hoofd?

Aan de toenemende dreiging voor mensen met een lager inkomen liggen twee oorzaken ten grondslag, schrijft de Federatie Opvang, de organisatie voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen. Ten eerste nemen de huisvestingskosten gestaag toe, ten tweede is er simpelweg een tekort aan betaalbare woningen.

Niet genoeg daken

De Federatie meldt dat het tekort aan sociale huurwoningen tot 92.000 oploopt. Dit baseert zij op onderzoek van ABF research. Sinds de economische crisis in 2008 neemt de druk op de daklozenopvang flink toe. De uitstroom is beperkt vanwege dit enorme tekort aan betaalbare (eensgezins)- woningen. Op dit moment zijn er 16.000 mensen die onnodig lang in een opvanginstelling wonen omdat zij niet door kunnen stromen. Hiervoor zijn nú 10.000 woningen nodig, meldt Karen van Brunschot senior projectleider bij Federatie Opvang. Maar dit is niet alles ‘We hebben te maken met tal van andere woningzoekenden met een beperkt inkomen. De beddenreductie van GGZ met 30% en de afname van bejaardentehuizen brengt jongeren en ouderen in woningnood. Zij vissen allemaal in een te kleine vijver van woningaanbod’, zegt van Brunschot. Het aantal goedkope huurwoningen neemt af, terwijl de groep die deze nodig heeft toeneemt.

Stimulatie woningcorporaties

De Federatie meldt in een brief aan de Kamer dat zij sinds de herziende Woningwet van 2015 geen verbetering voor burgers met een lager inkomen zien. Corporaties worden niet gestimuleerd om extra te bouwen. Er blijkt te weinig investeringsruimte door de stijgende verhuurdersheffing en fiscale lasten. Bouw en onderhoudskosten stijgen sterker dan de inflatie en daarmee is de corporatiesector op een ‘procrustesbed’ gelegd, stelt hoogleraar woningmarkt Johan Conijn in het FD.

‘Niemand behoort op straat’

FEANTSA, een Europese koepelorganisatie die dakloosheid bestrijdt, publiceerde deze maand een rapport waaruit blijkt dat slechts twee van de 28 EU landen slechter dan Nederland scoren op hoeveel bewoners relatief kwijt zijn aan hun huisvestingskosten. Het laat zien dat Nederlanders die in armoede leven, een steeds groter deel van hun inkomen aan huisvesting moeten uitgeven. Het gemiddelde Nederlandse huishouden dat in armoede leeft, spendeert meer dan 40% van haar inkomen aan wonen. Voor jongeren tussen de 18 en 24 jaar is dat 63%. ‘De kosten van huisvesting lopen uit de pas in vergelijking met de andere EU landen. Gezien de mate van welvarendheid zou Nederland niet onder aan de lijst moeten bungelen qua betaalbaarheid’, aldus de Federatie.

Nederlands bestuurslid bij FEANTSA Jules van Dam reageert op de situatie in Nederland. ‘In Nederland hebben we nog steeds veel daklozen, maar het is beter dan 20 jaar geleden. Het begon met een simpel statement ‘niemand behoort op straat' en wat geld.’ Hij geeft echter aan dat dit niet voldoende is, ‘We doen het heel slecht in de sociale huisvestingssituatie. Mensen in Amsterdam, Utrecht en andere grote steden moeten meer dan 10 jaar op een betaalbaar huis wachten.’

In plannen kan je niet wonen

‘Sommige steden maken al plannen om het tekort op te vullen, 1000 in Amsterdam, 500 in Utrecht. Dit zijn mooie initiatieven maar het is nodig dat plannen versneld worden uitgevoerd. In plannen kun je niet wonen immers’, zegt van Dam in zijn reactie. Toch vormen zich concrete plannen, nu de motie ‘concreet noodplan woningbouw’ door de Kamer heen is. Hierin hebben Kamerleden de regering verzocht een concreet noodplan woningbouw op te stellen om gemeenten, ontwikkelaars, investeerders en corporaties aan te zetten tot het realiseren van grote aantallen, ten minste 15.000 per jaar, aan extra tijdelijke of flexwoningen. Daarnaast verzoeken zij dat de regelgeving zo aangepast wordt dat woningen maximaal vijftien in plaats van tien jaar kunnen blijven staan. De Federatie ziet bovendien de afschaffing van de verhuurdersheffing door het Rijk als oplossing om corporaties meer financiële ruimte te geven.

Het goede voorbeeld

Gemeente Utrecht heeft de ‘Utrecht Pledge’ gezworen, dit is het 19e principe van de Europese Pijler voor Sociale Rechten. De gemeente stapt van nachtopvang af en gaat over op voorzieningen waar daklozen 24/7 kunnen blijven. Dit 19e principe stelt dat personen die dit nodig hebben, toegang krijgen tot sociale huisvesting of tot hoogwaardige hulp bij huisvesting. De Federatie denkt zelf aan creatieve oplossingen zoals het versneld realiseren van Tiny Houses en gemengd wonen met de toepassing van Housing First. Een bewezen methodiek voor individueel begeleid wonen voor mensen die dak- of thuisloos zijn.

Zie ook het artikel over de verouderde woonwijk.

 

Stadszaken
Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl