Gemeenten doen beeldkwaliteitsplan in de ban

Houten, Wijk bij Duurstede en Bunnik bemoeien zich niet meer met de beeldkwaliteit van het buitengebied. Wat kwaliteit is, is voortaan een zaak van burgers. Dat staat in de omgevingsvisie Kromme Rijn waar de drie gemeenten samen aan werken.

In Nederland zijn we opgegroeid met het idee dat de overheid plannen van burgers toetst op basis van ruimtelijke kwaliteit. De welstandcommissie is hier een exemplarisch voorbeeld van, maar die verschuift al verscheidene jaren naar de achtergrond binnen het ambtelijk apparaat. Houten, Wijk bij Duurstede en Bunnik gaan voor hun omgevingsvisie voor het Kromme Rijngebied nog een stapje verder en willen af van elke vorm van controle voor de beeldkwaliteit vanuit de overheid.

'De burger kan de input van andere burgers terzijde schuiven, maar moet wel motiveren waarom'

‘Uit consultatie van de bewoners blijkt dat ze de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied hoog in het vaandel hebben staan en dat sterkt ons in het voornemen om terug te treden als gemeente. Dus hebben we in onze omgevingsvisie een voorstel gedaan om dat te waarborgen’, stelt Ruben de Goede, namens de gemeente Houten onderdeel van de projectgroep Omgevingvisie Kromme Rijn.

De burger die iets wil wat niet past binnen het bestemmingsplan moet op een openbare website zijn plan toelichten aan de hand van foto’s, schetsen en een omschrijving. Vervolgens voert hij digitaal de discussie met bezoekers van dat portaal. De Goede: ‘Dit zijn idealiter natuurlijk de direct betrokken bewoners, maar ook anderen kunnen een reactie achterlaten op zo’n platform. Aan de hand van die input moet de burger zijn uiteindelijke keuze toelichten.’

Kwaliteitscultuur

De gemeenten hopen dat deze aanpak leidt tot een sterke sociale controle op elkaars plannen en een zogenoemde ‘kwaliteitscultuur’ in de samenleving. ‘Er zit veel kennis in de samenleving en mensen zijn erg betrokken bij het gebied en voelen zich verantwoordelijk.’ Dat bleek uit de verschillende interviews en enquêtes die de gemeenten hield in aanloop naar de vorming van de omgevingsvisie. Maar wat als een burger toch besluit zijn door medeburgers ‘afgekeurde’ plan door te zetten? ‘Dan is dat in principe mogelijk’, stelt De Goede. ’De burger kan de input van ander burgers terzijde schuiven, maar moet wel motiveren waarom'. 

Vaststelling

Voor het zover is, moet de visie eerst nog worden vastgesteld. De Goede: ‘Volgens de planning ligt het ontwerp van de visie voor de zomer ter inzage en in het derde kwartaal moet de visie worden vastgesteld. Dit betekent dat we pas daarna kunnen beginnen met het uitwerken van een internetportaal. In interne sessies die met gemeentebestuurders zijn gehouden over deze vorm van toezicht op de beeldkwaliteit is brede steun uitgesproken en we verwachten dan ook dat het voorstel de eindstreep zal halen. Ook in de binnenstad van Houten, waar geen welstandcommissie meer is, zien we dat de betrokkenheid bij de burgers met plannen al heel groot is en dat het nauwelijks misgaat. Deze nieuwe vorm met burgerdiscussie is een interessante ontwikkeling waar wij veel vertrouwen in hebben.’

Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl