Bestuursadviseur Sarah Ros meent dat veel gemeenten de mogelijke extra tijd die nog rest tot invoering van de Omgevingswet goed kunnen gebruiken

Uitstel van de invoering van de Omgevingswet mag voor een aantal koplopers frustrerend zijn; bestuursadviseur Sarah Ros meent dat veel gemeenten de mogelijke extra tijd die nog rest tot invoering van de wet goed kunnen gebruiken. Stadszaken stelde haar 4 vragen.

Dit artikel vescheen nadat duidelijk was geworden dat invoering van de Omgevingswet vertraging zou oplopen. Gevraagd naar haar reactie op het bekend worden van de nieuwe invoeringsdatum, verklaarde Sarah Ros dat bijgaand stuk nog steeds actueel is.

Afgelopen woensdag gaf minister Schultz in de Senaat te kennen dat ze de planning voor de invoering van de Omgevingswet samen met de stakeholders (provincies, gemeenten en waterschappen) opnieuw tegen het licht zal houden. Iedereen weet wat dit betekent: opnieuw uitstel. Een woordvoerder van de minister benadrukte op Stadszaken echter dat de geplande implementatie van de wet niet met de invoering opschuift… ‘Wat daarmee feitelijk bedoeld wordt, is dat er een mogelijk gefaseerd uitstel komt, zeg Sarah Ros. ‘De geplande einddatum van de implementatie op 1 juli 2029 verandert niet.’

1. Geen reden om achterover te leunen dus?

‘Er moet nog ontzettend veel gebeuren om in 2029 helemaal klaar te zijn. Dan kan geen overheid of burger meer teruggrijpen op het oude stelsel en oude instrumentaria zoals het bestemmingsplan. In 2024 moet elke gemeente bijvoorbeeld een omgevingsvisie hebben vastgesteld en drie losse digitale ruimtelijke systemen1 hebben geïntegreerd in één Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het is een zeer complexe opgave die begint met het geschikt maken van de nu bestaande digitale systemen voor de Omgevingswet. Die eerst fase zou al op 1 juli 2019 gereed moeten zijn, wat ook geldt voor de thematische informatiehuizen. Hou er daarbij rekening mee dat er volgend jaar gemeenteraadsverkiezingen zijn. Het lijkt er nu op dat gemeenten vanwege vertraging in het wetgevingstraject iets meer tijd krijgen voor de eerste implementatiefase. Die tijd kunnen veel gemeenten denk ik goed gebruiken. Het geeft wat extra lucht.’

2. Ik zou me toch behoorlijk bekocht voelen als ik iedereen op scherp heb gezet in mijn organisatie, en er uitstel komt…

‘Met name provincies en waterschappen die al in 2019 hun planinstrumenten op orde zouden moeten hebben en daarom nu al ver op weg zijn, kan uitstel een onaangename verrassing zijn, maar dat geldt ook voor een aantal gemeenten. Er zijn organisaties die zeer voortvarend te werk zijn gegaan, budgetplanningen hebben gemaakt en jaarplanningen op orde hebben. Er is besluitvorming geweest, en er zijn projectteams geformeerd. Dat wordt opeens gezegd “Leuk die plannen van jullie, er komt nog een jaar bij”. Er zit dan niets anders op dan een aangepaste planning maken, want de druk valt er hoe dan ook tijdelijk van de organisatie af. Een omgevingsvisie of omgevingsplan is bovendien pas rechtsgeldig met een wettelijke basis: de Omgevingswet.’

3. De invoering van de Omgevingswet was al een jaar opgeschort. Nu komt er waarschijnlijk een vertraging overheen. Waarom zou je nog haast maken met de implementatie?

‘Een plausibele vraag. In feite vervallen oude instrumentaria zodra de nieuwe Omgevingswet in werking treedt, of dat nu 2019, 2020 of 2021 is. Maar in werkelijkheid blijven bestaande bestemmingsplannen gewoon geldig, maar worden ze tijdelijk omgedoopt tot omgevingsplan. Ze voldoen daarmee nog niet aan de Omgevingswet. Een stad als Haarlem telt nu bijna 100 bestemmingsplannen. Daar krijg je dus allereerst 100 omgevingsplannen voor terug. De Omgevingswet schrijft voor dat er uiteindelijk één omgevingsplan moet komen voor de hele gemeente, die uiterlijk in 2029 alle bestaande plannen vervangt. Dat wordt een stapsgewijs proces. Je kan bijvoorbeeld in het centrum van je stad beginnen. Wat in de tussentijd ontstaat, is een hybride stelsel met tot omgevingsplannen omgedoopte bestemmingsplannen en een op nieuwe leest geschoeid omgevingsplan. In dat nieuwe plan staan algemene regels. Initiatiefnemers zijn op basis van deze regels in beginsel niet vergunning-plichtig, zodra zij maar binnen de bandbreedte van de regels blijven. De oude plannen bevatten daarentegen strikte regels ten aanzien van bestemmingen op basis waarvan altijd een toets plaatsvindt, die loopt via een vergunningaanvraag. Die tweeslachtigheid wordt over het algemeen als onwenselijk gezien. En hoe langer je wacht met de invoering van je nieuwe instrumentaria, hoe langer je vastzit aan dat hybride systeem.’

4. Dus niet wachten op Schultz, maar gelijk beginnen met dat grote omgevingsplan?

‘Veel gemeenten zijn om die reden al bezig met pilots. Maar voor het vaststellen van een echt omgevingsplan met zienswijzen en z’n brede afwegingskader zal je toch echt op de invoering van de Omgevingswet moeten wachten. De gemeente Alphen aan den Rijn heeft in 2016 al wel een omgevingsplan vastgesteld, maar dat was in feite gewoon een bestemmingsplan met een verbrede reikwijdte op basis van de Crisis- en Herstelwet. Ik noem dat bestemmingsplan met verbrede reikwijdte vaak een stepping stone naar het echte omgevingsplan. Dat is een mooi begin natuurlijk, maar voor het echte werk hebben we de inwerkingtreding van de Omgevingswet nodig. Ik hoop dus dat het uitstel niet te groot wordt'.

1Omgevingsloket Online (OLO), het Activiteitenbesluit Internet Module (AIM) en Ruimtelijkeplannen.nl

 

Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl