‘Er zijn te veel vierkante meters winkeloppervlak,’ stelt de Retailagenda. Verouderde uitgestrekte en monofunctionele winkelgebieden moeten dus compacter en diverser worden om te kunnen concurreren met online retailers. Maar hoe doe je dat dan precies? Veel gemeenten vinden het moeilijk om echt stappen te zetten. Het programma Proeftuinen Lokale Winkeltransformatie moet deze gemeenten helpen.

‘We kunnen er niet meer om heen: er zijn simpelweg te veel vierkante meters winkeloppervlak. Veel gemeenten beseffen dit en zijn bezig met het verminderen van hun winkelareaal. Ze denken veel na over leegstand en nieuwe invullingen als woningbouw.’ Aan het woord is Irma IJdens, projectmanager Lokale transformatie bij de Retailagenda. ‘Maar,’ vervolgt ze, ‘we zien ook dat sommige gemeenten het moeilijk vinden om tot actie te komen of hebben veel verschillende projecten zonder eenduidige programmatische aanpak in het leven geroepen. Ze blijven hangen in visies en documenten. Met het programma Proeftuinen Lokale Winkeltransformatie willen we hen helpen echt de handen uit de mouwen te steken en daadwerkelijk compactere, completere en gastvrijere centra te ontwikkelen.’  Carolien Vermaas, projectleider bij Platform 31, vult aan: ‘We horen veel gepraat, maar zien weinig actie voor echte krimp of nieuwe concepten. Met het programma willen we een slinger aan lokale transformatie geven. Want we weten nu dat winkelleegstand meer dan iets van de crisis is. Het is een structureel probleem.’

Externe partij biedt nieuw perspectief

Volgens IJdens is er geen eenduidige reden voor het gebrek aan actie bij sommige gemeenten. ‘Er zijn veel verschillende oorzaken. Soms is er geen bestuurlijke consensus over de te varen koers, maar ook leeft de gedachte dat het wel weer goed komt.’ Vermaas: ‘Of vastgoedeigenaren liggen dwars. Soms blijven zijhouden te lang vast aan te hoge huren vragen’ of een winkelbestemming. Menig winkelier is ook eigenaar en runt een ‘gratis’ winkel’. Volgens IJdens is het dan ook van grote meerwaarde dat de Retailagenda en Platform 31, maar ook De Nieuwe Winkelstraat als externe partijen betrokken zijn bij de transformatie. IJdens: ‘Omdat we zelf geen direct belang hebben in een gebied, kunnen we nieuw perspectief bieden door boven de opgave te hangen.’

Dat betekent echter niet dat Platform 31 en de Retailagenda ‘even komen vertellen hoe het moet.’ Het heet niet voor niets een proeftuin. We zoeken naar een aanpak die past bij een gemeente. ‘Elke gemeente heeft een eigen problematiek en eigen betrokkenen, maar ook eigen krachten, kansen en identiteit,’  zegt IJdens. ‘We gaan dus samen met alle betrokken partijen aan tafel zittenin een aantal workshops aan de slag,’ zegt Vermaas. Dat kunnen er veel zijn. Vermaas: ‘Denk aan de retailers, vastgoedeigenaren, maatschappelijke organisaties en verschillende wethouders. We gaan niet voor hen, maar samen met hen actiepunten formuleren.’

(tekst gaat verder onder kader)

Opzet van het programma
Voor het programma Proeftuinen Lokale Winkeltransformatie heeft de Retailagenda aan Platform 31 gevraagd om deze transformatie in twintig Nederlandse gemeentenwinkelgebieden aan te jagen. Het kan hierbij gaan om binnensteden, wijkwinkelcentra, winkelstraten of planmatig ontwikkelde winkelgebieden. De selectie wordt gemaakt uit gemeenten die al eerder een Retaildeal tekenden. Platform 31 gaat het volgende met de gemeenten en betrokkenen uit een winkelgebied doen: 

- Aanscherpen van visie en ambitie: De opgave helder in beeld krijgen en samen formuleren wat het doel van de transformatie is, het stellen van kwalitatieve maar ook kwantitatieve doelen;
- Inventariseren en activeren van lokale netwerken: welke partijen zijn al betrokken en welke (lokale) partijen kan kunnen nog gemobiliseerd worden om mee te doen, bijvoorbeeld scholen, bewoners, cultuursector, verenigingen (kortom: het maatschappelijk middenveld dat in beweging kan en wil komen en het winkelgebied van meer mensen wordt dan de winkeliers en consumenten);
- Identificeren en programmeren van strategische projecten: een volledige gebieds(her)ontwikkeling is vaak niet mogelijk, maar op cruciale plaatsen een interventie doen kan tot grotere dynamiek leiden, bijvoorbeeld de inrichting van (deel van) het openbaar gebied, nieuwe invulling van een winkel door een woning(en)/bedrijf(ven), herijking logistieke routes;
- Inzichtelijk maken van knelpunten en oplossingsrichtingen benoemen: Hoe kunnen de huidige instrumenten in de publicaties ‘Instrumenten voor een succesvolle transitie van de winkelstructuur 2017’ en ‘Samen investeringen in succesvolle winkelgebied 2018’ verder aangevuld en aangescherpt worden met inzichten en aanbevelingen uit de proeftuinen?
- Koppeling andere lokale en inspirerende thema’s: Partijen bewustmaken van (andere) kansen of in beweging brengen. Gemeenten kunnen veel van elkaar leren en elkaar inspireren.
- Data en duurzaamheid: Vervolgstap voor winkelgebieden die al verder zijn met hun winkelgebied. Hoe innoveer je een binnenstad of winkelgebied met data en duurzaamheid en hoe draagt dat bij aan toekomstbestendigheid? Aardgasvrije wijken worden gecombineerd met de Proeftuinen Lokale Winkeltransformatie.

Erken de pijn

Makkelijk zullen de gesprekken niet altijd zijn. Vermaas: ‘Winkelmeters schrappen doet pijn, daar zijn we ons zeker bewust van. Maar soms is er geen andere optie. Daar moet je dan duidelijk over communiceren met elkaar.’ En als er onverhoopt toch scepsis blijft bestaan en bijvoorbeeld een vastgoedeigenaar weigert om mee te werken? ‘Dan moet je hem niet weglachenuit de weg gaan. Neem hem serieus en vraag naar zijn visie.’ ‘Uiteindelijk zijn ook vastgoedeigenaren gebaat bij onze doelstellingeneen renderend en aantrekkelijk winkelgebied. Een compacte, complete en gastvrije binnenstad is een levendige binnenstad. In zo’n gebied kunnen zij aan hun rendementseisen voldoen. Het is aan ons om dat te communiceren, zonder belerend te worden.’ zegt IJdens. 

Commitment vasthouden

Voordat de Retailagenda en Platform 31 in een gemeente aan de slag gaan, stellen ze een aantal voorwaarden. IJdens: ‘We willen toewijding zien vanuit de gemeente. Want het programma loopt tot eind 2019 en daarna valt de eventuele verdere uitwerking van de geformuleerde interventies onder de verantwoordelijkheid van het lokale college.’ En wat als er een nieuw college aantreedt met een nieuwe visie op de binnenstad? ‘Dat blijft lastig, maar werken aan een binnenstad of winkelgebied is met meer betrokkenen dan de gemeente en altijd een proces van jaren,’ zegt Vermaas. ‘Maar omdat we met verschillende wethouders werken, voorkomen we dat dit het werk van één partij wordt.’ IJdens: ‘We werken met gemeenten die al een Retaildeal hebben ondertekend. Dat betekent dat zij de urgentie van de kwestie inzien. Met een proeftuin stimuleren we bovendien meer lokale betrokkenheid en geven we nieuwe inzichten en instrumenten. Daarmee overstijgt de lokale transformatie de gemeentelijke inzet.’

Geïnteresseerde gemeenten kunnen zich nu aanmelden voor deelname aan de proeftuinen. Meer informatie vindt u hier.
Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl