Foto: Maarten Nauw

Steeds vaker worden ontwerp en cultuur ingezet bij de vormgeving van grote ruimtelijke vraagstukken. Spannende voorbeelden uit de afgelopen jaren zijn de installatie 2050: An Energetic Odyssey over 25.000 windmolens op de Noordzee, en Volksvlijt 2056 over de economische toekomst van Amsterdam.

In Den Haag is sinds 19 december 2017 de Post-Fossil City Contest van start gegaan, met tien artistieke verbeeldingen van het leven in een stad zonder fossiele brandstoffen. Wat is de toegevoegde waarde van zo’n creatieve vorm voor de dagelijkse praktijk van het beleid?

Een willekeurig moment in het Utrechtse Stadskantoor, zomer 2017. Een toevallige voorbijganger heeft een felgele lasserskap over haar hoofd getrokken, en luistert aandachtig naar iets wat wij niet kunnen horen. Verderop staren zwart-witte gezichten ons aan vanaf tientallen, tegen een wand geprikte enveloppen. Daar weer naast vergapen bezoekers zich aan taferelen die zo uit een rampenfilm lijken te komen, maar die zich afspelen hier in de stad, en zelfs in dit stadskantoor. We bevinden ons in de expo van de Post-Fossil City Contest (PFCC), het resultaat van een wedstrijd die begin 2017 werd uitgeschreven.

 

Ontketen de verbeelding, luidde begin 2017 de oproep van de Urban Futures Studio (Universiteit Utrecht) aan makers, architecten, ontwerpers en andere creatievelingen. Geef ons jouw beeld van het stedelijk leven zonder fossiele brandstoffen. Hoe wonen, werken en bewegen we ons in de stad van de toekomst? De respons was overweldigend; maar liefst tweehonderdvijftig teams uit 39 landen reageerden. De 10 genomineerde inzendingen werden deze zomer tentoongesteld in het Utrechtse Stadskantoor. Ze zijn nu te zien in Den Haag, in de lente volgt Gent.

Betere oplossingen

Uit de grote (media-)aandacht voor de PFCC blijkt dat de expo inspeelt op een behoefte. Maar wat is die precies? Bij sommige PFCC-inzendingen is dat meteen duidelijk. Die liggen dicht bij de praktische werkelijkheid van het beleid, zoals de Pergolapanelen van Tom van Heeswijk. Zijn ontwerp toont verschillende manieren waarop flexibele zonnepanelen in de stad kunnen worden ingezet. In plaats van de straten te ontsieren, kunnen ze bijdragen aan een mooiere en comfortabele leefomgeving. Dat is belangrijk, want verzet tegen wind- en zonne-energie komt vaak voort uit het idee dat duurzame energievormen het landschap zullen verstoren. Een concrete, haalbare en aantrekkelijke verbeelding, zoals de Pergolapanelen, heeft de potentie om diverse partijen enthousiast te maken, en zo de duurzame toekomst dichterbij te brengen.

Beleidsopties

Andere verbeeldingen in de PFCC bieden stof voor discussie door het tonen van verschillende beleidsopties. Zo geeft Afrikaanse Alternatieven een beeld van twee uiteenlopende toekomsten (een ‘slimme’ of een ‘wijze’ stad in Afrikaanse context, terwijl de video Platform Steden de trade-off tussen privacy en efficiëntie onder de loep neemt, met Londen en Berlijn als casus). Via een inkijkje in het dagelijks leven in verschillende scenario’s, wordt duidelijk dat er verschillende waardes schuilen achter het model van de ‘smart city’. Welke keuzes willen we maken? Comfort en het opgeven van je data? Of meer privacy en dus ook meer moeite om van A naar B te komen? Verbeelding helpt om dilemma’s en conflicten rond technologie inzichtelijk te maken, in een vroeg stadium en voor een breed publiek.

Het vanzelfsprekende weer zichtbaar

Ten slotte zijn er de projecten die een specifiek scenario uitwerken om ons aan het denken te zetten. Zo verbeeldt het project Cow & Cow het plan van koe Bertha om zzp’er te worden, en zich als zelfstandige melkaanbieder door de stad te bewegen. Cow & Co balanceert op de grens tussen humor en ernst, en zorgt daarmee voor verwarring. Juist door de ambiguïteit komen vragen op tafel te liggen, en worden aloude vanzelfsprekendheden opeens weer stof voor discussie. Is zo’n zzp’ende koe zieliger dan onze huidige manier van dieren houden? Hoe zit het eigenlijk met de relatie tussen stad en platteland? En voor wie richten we onze groene ruimte in? Koe Bertha laat zien dat technische ontwikkelingen inzet kunnen zijn van een spannend, humorvol en inhoudelijk debat over de wijze waarop we onze omgeving willen ontwerpen en inrichten.

Een beter gesprek

Het mag duidelijk zijn: de PFCC biedt geen pasklare oplossingen. Wél nieuwe manieren van kijken en vaak onverwachte ervaringen die, anders dan een standaard beleidstekst, alle zintuigen aanspreken in talrijke uitingsvormen. Planoloog Bastiaan Bretveld nam deel aan een workshop die de Urban Futures Studio samen met RUIMTEVOLK organiseerde in het kader van de PFCC. Met de tentoonstelling als inspiratiebron werden professionals uitgenodigd om hun eigen verbeelding in te zetten voor een nieuw perspectief op de Omgevingswet. Bretveld blikt terug: ‘verbeelding [kan] een ongekende boost (...) geven in het ordenen van de gedachten over de toekomst. Door te praten over je ideeën en dit vervolgens als groep tastbaar te maken ontstaat er een gedeeld beeld en beter gesprek.’ Precies dat hebben we de komende tijd nodig in de ruimtelijke ordening, gezien de enorme opgave van de energietransitie en de mogelijkheden die de nieuwe Omgevingswet biedt om zelf invulling te geven aan ruimtelijke toekomsten.

Wytske Versteeg, Jesse Hoffman en Peter Pelzer

De Post-Fossil City tentoonstelling is te zien tot 12 januari in het Atrium, Spui 70 (Atrium), Den Haag. Het Atrium is maandag, dinsdag, woensdag en vrijdag geopend van 7:00 tot 19:00 uur, op donderdag zelfs tot 21:30 uur. Op zaterdag is het Atrium geopend van 9:30 tot 17:00. Op zondag is het Atrium gesloten. Maandag  8 januari om 16.00 zal Jesse Hoffman een rondleiding verzorgen. Neem hiervoor contact op met contact@postfossil.city. Meer informatie op www.postfossil.city
Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl