‘Onzorgvuldige en ontijdige wetgeving’. Zo kwalificeert het Stedennetwerk G32, het samenwerkingsverband van inmiddels 38 steden, de Wet Kwaliteitsborging waarover de Tweede Kamer vanavond debatteerde met minister Plasterk. Volgende week dinsdag stemt de Tweede Kamer over de wet.

Deze wet regelt de invoering van een nieuw stelsel van kwaliteitsborging voor bouwen. Aannemers moeten op grond van deze wet zelf controleren of zij voldoen aan alle bouweisen. Volgens de G32 is onduidelijk wat de rol en bevoegdheden van de stadsbesturen in de nieuwe situatie zullen zijn.

‘De wet is snel in elkaar gerammeld en politiek doorgedrukt’, aldus Jop Fackeldey, lid van het dagelijks bestuur van de G32 en wethouder in Lelystad. ‘We steunen het achterliggende principe dat aannemers meer verantwoordelijkheid krijgen. Maar hiervoor is betere wetgeving nodig dan er nu voorligt’.

Fackeldey refereert onder meer aan een pilot in Den Haag die voortijdig is stopgezet. Daar had de gemeente onvoldoende zekerheid over de bouwkwaliteit van woningen.

‘In feite komt de nieuwe wet neer op het privatiseren van het bouwtoezicht. Maar het risico bestaat dat aannemers te laat rapporteren, of onvolledig en soms onsamenhangende rapporten afleveren.  Steden staan dan met de rug tegen de muur en zijn niet in staat de kwaliteit van het particuliere toezicht te beoordelen’, aldus Fackeldey.

Volgende week dinsdag 21 februari stemt de Tweede Kamer over de wet.

Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl