Hans Leeflang

En ondertussen in de Achterhoek (3)

Met een mooie line up van sprekers werd vier jaar geleden in Pakhuis de Zwijger het jaar 2015 als Jaar van de Ruimte gelanceerd. Een van die sprekers was Reinier de Graaf, collega van Rem Koolhaas bij het ontwerpbureau OMA. Zijn stelling, dat we nu afscheid moeten nemen van het Nieuwe Bouwen van Van Eesteren en Le Corbusier begint bij mij nu pas echt te vallen.

Opgeleid in Delft als stedenbouwkundige ben ik mij amper bewust geweest hoe dominant de opvattingen, waarden en normen van de CIAM zijn geweest in mijn beroepsuitoefening. Op de site van het Van Eesteren Museum lees ik: ‘Van Eesteren is van 1930 tot 1947 voorzitter van de Congrès Internationaux d’Architecture Moderne (CIAM), een serie internationale conferenties over moderne architectuur en stedenbouw. Als stedenbouwkundige krijgt hij de opdracht een congres te organiseren over ‘De functionele stad’. De conclusies van het congres: ‘een betere woonomgeving (meer licht en lucht, meer groen), een efficiëntere organisatie van het verkeer en een betere situering van de industrie’. ‘Ontspanning’ kreeg ook een aparte legenda, zowel binnen de steden (‘parken’), als daar buiten (‘het land’, ‘de groene ruimte’). Allemaal keurig naast elkaar geordend.

Die situatie bestaat anno 2019 nog steeds. Er zijn vier aparte ministeries voor de groene ruimte, voor het verkeer, het wonen en het werken.

In mijn periode bij de Rijks Planologische Dienst (in de tijd van de Derde en Vierde Nota over de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland met groeikernen en Vinex wijken) was ik er maar druk mee. We ontwierpen voor iedere legenda-eenheid een plan (structuurschema), steeds in combinatie met een ander ministerie. Die situatie bestaat anno 2019 nog steeds. Er zijn vier aparte ministeries voor de groene ruimte, voor het verkeer, het wonen en het werken.

Ook Maarten Hajer van de Universiteit Utrecht had het tijdens de aftrap van het Jaar van de Ruimte over fundamentele verschuivingen in het ruimtegebruik. Zijn voorbeeld: een huis wordt ook een kleine energiecentrale en de auto zal fungeren als accu. Maarten Hajer riep op om nieuwe legenda-eenheden te ontwerpen, milieutypen waarbij functies kunnen worden gecombineerd.

Actueel

Mijn eerste directeur bij de Rijks Planologische Dienst, Eo Wijers, was daar in zijn tijd al mee bezig. Voor de Nota Landelijke gebieden (onderdeel van de Derde Nota RO) lanceerde hij de zogenoemde ‘kameel’. Wijers pleitte voor het principe ‘verweving waar mogelijk, scheiding waar nodig’. Aan het eind van het Jaar van de Ruimte werd het Manifest 2040 vastgesteld, met ‘Benut bestaande bebouwing, een nieuwe bouwcultuur voor een flexibeler ruimtegebruik’ als één van de zeven onvermijdelijke opgaven voor 2040. Het manifest roept bouwers, investeerders en overheden op de wissels om te zetten en afstand te nemen van de fixatie op uitbreiding en functiescheiding. Deze oproep is nog altijd actueel in een land waar de bouw van 1 miljoen woningen één van de grote opgaven is voor de eerste Nationale Omgevingsvisie.

kameel

De stelling van Reinier de Graaf, dat we nu afscheid moeten nemen van het Nieuwe Bouwen van de CIAM is bij mij echt gevallen sinds ik in de Achterhoek woon en een jaarcursus ‘Permacultuur ontwerp’ heb gevolgd. Als je uitgaat van de principes van het ‘bouwen met en vanuit de natuur’, dan levert de benadering ‘verweving waar mogelijk, scheiding waar nodig’ zoveel meer op dan de CIAM-principes. Met Permacultuur ontwikkelen wij ons land nu door aan iedere boom of struik, die we planten tenminste drie functies te geven. Bijvoorbeeld de combinatie voedselproductie voor mens en dier, windkering en houtproductie.

Functiescheiding

In de Achterhoek is functiescheiding nog steeds de dominante denkrichting bij overheden en bij burgers. Verkeer lijkt niet te combineren met het behoud van oude eiken. De dorpen en stadjes worden nog steeds uitgebreid met woonwijken of bedrijfsterreinen. En het onderscheid tussen gebieden voor landbouw en voor natuur wordt strikt gehandhaafd. Onze agrarische buren staan niet te juichen als er doorgaande fietsroutes en wandelpaden langs en over hun percelen wordt voorgesteld. Ik begrijp hun bezwaren tegen loslopende honden en zwerfvuil. Maar als we daar samen verantwoording voor nemen, valt er zoveel te winnen aan ruimtelijke kwaliteit.

Hopelijk komt de eerste Nationale Omgevingsvisie met stimulerende nieuwe milieutypen gebaseerd op functiemenging. De nadruk die minister Carola Schouten legt op ‘natuur-inclusieve landbouw’ is een mooi begin. Intussen gaan wij in de Achterhoek in 2019 door met ons gemengde bedrijf-annex-woongemeenschap en met het idee van Het Nieuwe Circulaire Landgoed tussen Borculo en Lochem. Goede voornemens voor mens, dier, plant en land.

Hans Leeflang is landmaker, verhalenvanger en begrip kweker in de Achterhoek. Tot voor kort werkte hij als adviseur ruimtelijke activering van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. 45 jaar maakt hij zich al druk over de publieke zaak. Hij was nauw betrokken bij de Vierde Nota over de Ruimtelijke Ontwikkeling van Nederland (Extra), de VINEX. In zijn columns voor Stadszaken deelt hij wat hem bezighoudt op enige afstand van ‘Den Haag’. Lees ook zijn andere columns in deze serie: 'Landmakers verdienen een overheid met dubbele doelstellingen' en 'Alle regio’s in Nederland kunnen een ‘Plaats van Hoop’ zijn'.
Stadszaken
Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl