Foto: RTL Nieuws

Na de modderstromen van afgelopen weekend wil de gemeente Valkenburg aan de Geul de Kleine Geul uitdiepen. Op andere plekken nemen bewoners het heft in eigen hand en bouwen dammen in tuinen. Komen de stresstesten niet véél te laat? 5 vragen aan Stefan Kuks, voorzitter van de Stuurgroep Ruimtelijke Adaptatie.

De modder die afgelopen weekend in Limburg vanuit het buitengebied richting dorpen stroomde, zorgde voor veel overlast. Burgemeester Jan Schrijen van Valkenburg aan de Geuk stelt dat er speciaal voor de regio Zuid-Limburg een deltaplan moet worden gemaakt om verdere problemen voor te zijn. Dat sluit aan bij de doelstelling van het landelijke Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie, dat het beperken van schadegevolgen van weerextremen tot doel heeft.

1. Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie schrijft voor dat overheden uiterlijk 2019 een stresstest (light) moeten hebben uitgevoerd om een risicodialoog op gang te brengen. Komt dit niet veel te laat?

'We moeten bedenken dat gemeenten en waterschappen al zo'n 20 jaar bezig zijn om meer ruimte te maken voor waterberging overal in onze leefomgeving. Dus we beginnen er niet nu pas aan. Wel ontdekken we dat het klimaat veel sneller verandert dan we 20 jaar geleden konden voorzien. Met het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie willen we nu een extra impuls geven aan het beperken van de schadegevolgen van weersextremen (wateroverlast en hittestress) beperken.'

'Als we niet extra ruimte maken voor blauw (water) en groen in onze leefomgeving loopt die schade op tot 71 miljard in 2050, zo is berekend. Het voorkomen van deze schade kost ook heel veel geld. Het is een afweging hoeveel geld je inzet om schade te voorkomen, en hoeveel schade je achteraf accepteert. Via een stresstest moet je dus eerst bepalen waar de grootste risico's zitten.'

'Bovendien kun je niet in een jaar tijd even Nederland verbouwen. Ruimtelijke maatregelen kosten tijd en zijn voordeliger wanneer je investeringsmomenten benut (zoals het openbreken van de straat voor vervanging van riolering of herinrichting van stedelijk gebied). Het is een aanpak voor de langere termijn.'

2. Wat kunnen gemeenten nu al doen om herhaling van de ergste overlast, zoals we dat in Limburg hebben gezien, te voorkomen?

'In Limburg, maar ook elders op de hoge zandgronden in Nederland, hebben we te maken met hellend gebied waar het water sneller naar beneden loopt. In het Limburgse dorp Meerssen is dat met modderstromen gepaard gegaan. Het water neemt de kortste route en zoekt de lager gelegen plekken op, daar loopt het onder.'

'Ook in Oost-Nederland, zoals in de Gelderse Achterhoek en het Overijsselse Twente, hebben we dikwijls extreme situaties gezien. Naast ruimte maken voor waterberging helpt het in dit soort gebieden ook om kwetsbare huizen, gebouwen en infrastructuur, door de aanleg van kades, te beschermen.' 

3. En hoe kijkt u aan tegen de rol van waterschappen en de provincie?

'De waterschappen, provincies en gemeenten staan klaar om samen met maatschappelijke organisaties en inwoners in hun gebied het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie uit te voeren. Daarvoor zijn in Nederland zo'n 40 werkregio's ingericht waar men samen de stresstesten coördineert, een risicodialoog organiseert en een plan van aanpak ontwikkelt.' 'Het is heel belangrijk dat de overheden dit samen doen. Zo bereik je een betere afstemming van ieders inzet en financiële mogelijkheden. Zoals gezegd is er in de afgelopen 20 jaar al heel veel geld geïnvesteerd om de schade van met name wateroverlast te beperken. Maar vanwege het snel veranderende klimaat moet daar de komende jaren een extra inzet bovenop.'

4. Er ligt een enorme woningbouw- en infraopgave, deels zijn dit reeds bestaande plannen. Zijn bestaande plannen volgens u voldoende klimaatproof?

'Niet alleen de overheid moet wat doen, ook particuliere investeerders (zoals projectontwikkelaars, vastgoedeigenaren, woningcorporaties) moeten aan de slag met het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Er is al veel aandacht voor energiebesparing en duurzame bouwmaterialen. Er is nog meer kennis in de bouwsector nodig over wat je tegen weersextremen kunt doen. Ook opdrachtgevers kunnen meer oog hebben voor de klimaatbestendigheden van wat ze willen laten bouwen. Architecten en aannemers worden dan beter uitgedaagd.'

5. Hoe voorkomen we dat bij nieuwe bouw en infra-plannen de klimaatopgave over het hoofd wordt gezien?

'Zoals we vanaf dit jaar niet meer willen bouwen met aardgasaansluitingen, zo kunnen we ook zwaarder inzetten op klimaatbestendig bouwen. Nieuwe woningbouw en infrastructuur kan in het ontwerp nog beter doordacht worden vanuit weersextremen. Op energiegebied kennen we al een energielabel waarmee je huizen classificeert. Zo is er ook een waterlabel of klimaatlabel mogelijk.'

'Via bouwregelgeving kunnen we nog nadrukkelijk sturen op bijvoorbeeld waterkerende wanden en drempels, zodat het water niet direct de huizen binnenloopt. Ook groene daken en meer ruimte voor groen en blauw bij de inrichting van de tuin om het huis kan veel helpen. Als je vroegtijdig in het ontwerpproces aandacht hebt voor weersextremen hoeft dat niet met zoveel extra kosten gepaard te gaan. Innovatie in de bouw is ook goed voor de Nederlandse economie.'

Ook interessant: Hoosbui voor Zuidas geen probleem

Aanvullende informatie over het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie vindt u op:
https://ruimtelijkeadaptatie.nl/
https://ruimtelijkeadaptatie.nl/deltaplan-ra/
Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl