Zo doe je klimaatadaptatie: lessen uit Westergouwe

Foto: De wijk Westergouwe

Klimaatadaptie moet volgens Annabel Visschedijk en Wim Debucquoy van Witteveen+Bos onderdeel worden van elk toekomstig project. De klimaatbenchmark en de klimaatstresstest kunnen daarbij helpen. Maar hoe doe je dat dan precies? Hier een handleiding aan de hand van de wijk Westergouwe te Gouda.

Dit artikel verscheen eerder in vakblad Groen. Gratis een digitaal exemplaar ontvangen? Dat kan hier.

Meer hittegolven, vaker wateroverlast of langdurige droogte: het weer in Nederland wordt extremer. Klimaatadaptie – ons voorbereiden op toenemende extreme weersomstandigheden –- moet onderdeel worden van elk toekomstig project dat we doen: de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk of bedrijventerrein, de herontwikkeling van een wijk of de reconstructie van een weg.

Maar hoe wordt klimaatadaptatie onderdeel van het ontwerpproces? Hoe verankeren we klimaatadaptatie in onze werkzaamheden en zorgen we ervoor dat elke gebiedsontwikkeling toekomstbestendig is? Het gebruik van een klimaatbenchmark en het uitvoeren van een klimaatstresstest kunnen hierbij helpen. Dit wordt geïllustreerd aan de hand van de casestudy Westergouwe in Gouda.

Klimaatadaptatie is meer dan klimaat(verandering)

Klimaatadaptatie gaat over het verminderen van onze kwetsbaarheid tegen toenemende extreme weersomstandigheden. Dit betekent dat we niet enkel aandacht moeten hebben voor de verandering in neerslag of temperatuur, maar vooral moeten kijken naar de onderliggende oorzaken van onze kwetsbaarheid.

Zo zorgt een toename van verharding voor een groter risico op lokale wateroverlast of overstromingsrisico’s. Het voorkomt infiltratie van hemelwater in de grond waardoor minder water wordt geborgen en zorgt voor versnelde afvoer naar de riolering. Daarnaast houden asfalt en beton veel meer warmte vast dan groen, met een grotere hittestress in onze steden tot gevolg. Andere voorbeelden van onderliggende kwetsbaarheid zijn bodemdaling en een slechte onderhoudsstaat.

Het is met andere woorden belangrijk dat we alle factoren die bijdragen aan onze kwetsbaarheid tegen weersextremen analyseren en hierop inspelen. Het klimaatadaptief maken van onze steden gaat dus over meer dan alleen klimaat(verandering). Hoe ontwikkelen én onderhouden we onze groeiende steden tot toekomstbestendige en attractieve leefomgevingen voor de toekomst?

Het klimaatbenchmark en de klimaatstresstest

Het klimaatbenchmark en de klimaatstresstest kunnen beide helpen met het beoordelen van de mate van klimaatadaptatie (of kwetsbaarheid) van een gebied, het definiëren van adaptatiemaatregelen en het verankeren van deze maatregelen in een lopende (her)ontwikkeling.

Het klimaatbenchmark is een kwalitatieve scan waarin de fysieke leefomgeving op de belangrijkste thema’s van klimaatadaptatie in stedelijk gebied wordt geanalyseerd. De analyse gebeurt op basis van eenvoudige indicatoren en bestaande ontwerpen of plannen, bijvoorbeeld het bestek van de openbare ruimte (bijvoorbeeld straatprofiel) en het stedenbouwkundig plan (bijvoorbeeld groenstructuur). Per indicator wordt de gebiedsontwikkeling vergeleken met de norm van het desbetreffende waterschap, de geldige norm of praktijk in de gemeente of een doorsnee nieuwbouwwijk. Figuur 2 laat per hoofdthema een aantal indicatoren zien.

Hiermee maakt de tool de sterke punten en de nog onbenutte kansen van een ontwerp, plan of bestaand gebied inzichtelijk. Hij laat zien waar in een bestaand ontwerp kansen liggen voor de verschillende klimaatthema’s. Met deze uitkomsten kunnen aanvullende klimaatadaptieve maatregelen ontworpen worden.

Zo doe je klimaatadaptatie: lessen uit WestergouweFiguur 1: Hoofdthema’s met indicatoren voor het klimaatbenchmark

De klimaatstresstest daarentegen kwantificeert verschillende klimaatrisico’s en laat de kwetsbare locaties zien voor hitte, droogte, wateroverlast en waterveiligheid. Aan de hand van modelberekeningen worden de risico’s of gevolgen van klimaatsverandering – letterlijk – in kaart gebracht. Een klimaatstresstest bepaalt dus de hotspots in een gebied en geeft inzicht waar maatregelen nodig zijn (zie figuur 3).

Zo doe je klimaatadaptatie: lessen uit WestergouweFiguur 2: Wateroverlastkaart uit klimaatstresstest voor Westergouwe. Water-op-straat berekeningen werden uitgevoerd met Infoworks ICM. Links: bij 0 procent verharde tuinen; rechts: bij 100 procent verharde tuinen.

Klimaatadaptatie verankeren in gebiedsontwikkeling

Een volgende stap is het vertalen van de resultaten van klimaatstresstest en klimaatbenchmark naar ambities en concrete, gedragen maatregelen. Beide tools helpen, naast het identificeren van maatregelen, met het onderbouwen van de noodzaak aan klimaatadaptieve maatregelen en het creëren van draagvlak voor hun implementatie. De resultaten worden vertaald in een handelingsperspectief om een gebied klimaatadaptiever te maken. De voorgestelde oplossingen kunnen gebundeld worden in een klimaatadaptatieplan.

Belangrijk echter voor hun implementatie is dat de maatregelen in de gebiedsontwikkeling verankerd worden. Dit kan door de maatregelen op het juiste moment in te brengen in het ontwerpproces, bijvoorbeeld via ontwerprichtlijnen, contracten of in het stedenbouwkundig plan of het ontwerp openbare ruimte. Door de maatregelen te relateren aan de bestekken en ontwerpen van de gebiedsontwikkeling, wordt ervoor gezorgd dat er budget gereserveerd wordt en dat de maatregelen passen binnen het ontwerp.
 

Klimaatadaptieve maatregelen voor Westergouwe

Westergouwe is een nieuwe woonwijk aan de rand van Gouda die de ambitie heeft een klimaatadaptieve woonwijk te zijn. De gebiedsontwikkeling ligt in de diepste polder van Nederland, de Zuidplaspolder. Gezien de gevoelige ligging van de woonwijk zijn in de eerste fase van de gebiedsontwikkeling verschillende maatregelen genomen om te voldoen aan allerlei eisen vanuit de gemeente, het hoogheemraadschap en het Rijk rond waterveiligheid. Zo worden de woningen aangelegd op een vloerpeil dat hoger ligt dan het overstromingspeil bij een doorbraak van de nabij liggende waterkering (waterveiligheid), wordt er veel waterberging aangelegd (voorkomen wateroverlast) en is de zettingseis 20 centimeter in 30 jaar (minimaliseren bodemdaling).

Aan het begin van de tweede fase van Westergouwe is in kaart gebracht hoe klimaatadaptief Westergouwe is en welke kansen er zijn om de klimaatadaptiviteit van de wijk verder te verhogen. De klimaatstresstest en klimaatbenchmark zijn hiervoor ingezet. Uit deze tools kwamen belangrijke inzichten die vertaald werden naar een concreet handelingsperspectief voor het projectbureau Westergouwe. Dit leidde tot de volgende concrete acties: een actieplan voor de toekomstige bewoners om groene tuinen aan te leggen en een LIOR+ (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte) om de openbare ruimte van Westergouwe toekomstbestendig te ontwikkelen.

Het klimaatbenchmark liet zien dat de woonwijk reeds op verschillende thema’s goed scoort (waterveiligheid, waterberging, hittestress) maar ook een aantal nog kansen bevatten (zie tabel 1). De klimaatstresstest leidde tot een bijkomend cruciaal inzicht: het belang van de (privé)tuinen voor klimaatadaptatie. De verharding van de tuinen bleek merkbaar impact te hebben op het vlak van hitte en wateroverlast. Bij een grote verhardingsgraad (% tuinen verhard) kunnen de temperatuurverschillen tussen de wijk en het buitengebied significant oplopen (zie figuur 4).

Dit temperatuurverschil kan het verschil betekenen tussen een goede en een slechte nachtrust tijdens een hittegolf en leidt tot gezondheidsrisico’s voor kwetsbare groepen. Met een grote verhardingsgraad wordt tijdens een piekbui ook veel meer water afgevoerd naar het openbaar terrein, met meer water op straat tot gevolg (zie figuur 3). Door de resultaten van de klimaatstresstest en het klimaatbenchmark ontstond er draagvlak voor maatregelen in de openbare ruimte én maatregelen voor het uitgeefbaar terrein.

Zo doe je klimaatadaptatie: lessen uit WestergouweFiguur 3: Hittestresskaart uit klimaatstresstest voor Westergouwe. Etmaalgemiddelde Urban Heat Island (UHI) effect in graden Celsius uitgevoerd met de UCAM-methode. Links met 100 procent begroeide tuinen en rechts met 0 procent begroeide tuinen.

De aanvullende maatregelen zijn op verschillende manieren verankerd in het proces van de gebiedsontwikkeling. Hierbij is de verantwoordelijkheid verspreid over zowel het projectbureau als de ontwerper van de openbare ruimte, de ontwikkelaar en de bewoners. Er is een actie- en communicatieplan ontwikkeld om bewoners te informeren (via brochures en een website), te enthousiasmeren (via voorbeeldtuinen) en te stimuleren (via kortingen bij tuincentra) om groene tuinen aan te leggen. Daarnaast kunnen bewoners zand bij het projectbureau inruilen voor grond om hun tuinen aan te leggen. Voor de openbare ruimte is een LIOR+ ontwikkeld: een Leidraad Inrichting Openbare Ruimte waarbij 21 extra (+) richtlijnen zijn gegeven voor het ontwerp. Tabel 1 toont een overzicht van de belangrijkste kansen, bijkomende maatregelen en manier van verankering.

Zo doe je klimaatadaptatie: lessen uit WestergouweTabel 1: Westergouwe: van kansen naar verankerde maatregelen in het proces van gebiedsontwikkeling

Conclusie klimaatbenchmark en klimaatstresstest

Het klimaatbenchmark en de klimaatstresstest zijn nuttige tools voor het analyseren van de kwetsbaarheid van een gebied en het identificeren van onbenutte kansen. De resultaten kunnen vertaald worden naar een concreet handelingsperspectief voor een klimaatadaptieve wijk: beide tools helpen met het vertalen van ambities naar concrete, goed onderbouwde maatregelen en creëren draagvlak voor hun implementatie.

Daarnaast is het belangrijk dat de maatregelen op een goede manier verankerd worden in de (her)ontwikkeling. Westergouwe is een goed voorbeeld waarin het benchmark en de stresstest hebben geleid tot concrete acties.

Over de auteurs:
Annabel Visschedijk en Wim Debucquoy zijn projectleiders en projectingenieurs Resilient Cities bij Witteveen+Bos. Ze adviseren en ontwerpen voor duurzame, leefbare en aantrekkelijke steden die voorbereid zijn op klimaatverandering. Zij werken aan plannen en ontwerpen voor steden, het bouw- en woonrijp maken van gebieden, maar ook aan herontwikkeling, beheer en onderhoud met een focus op integraal waterbeheer en klimaatadaptatie, maar ook op duurzaamheid en de energietransitie. Annabel Visschedijk heeft bij Westergouwe gewerkt als projectingenieur in het civiele team van Projectbureau Westergouwe en werkt aan de planning van de gehele gebiedsontwikkeling. Wim Debucquoy werkte mee aan het klimaatbenchmark en de klimaatstresstest voor Westergouwe.
Dit artikel verscheen eerder in vakblad Groen. Gratis een digitaal exemplaar ontvangen? Dat kan hier.
Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl