The Hague Humanity Hub

Foto: The Hague Humanity Hub

The Hague Humanity Hub (deel 2)

In Den Haag was lang geen fysieke plek waar ngo’s, startups, kennisinstellingen en commerciële bedrijven elkaar konden ontmoeten. Tot begin 2018 The Hague Humanity Hub haar deuren opende. In een drieluik kijken we op Stadszaken naar de totstandkoming van de hub en proberen we de geheimen van goede clustervorming te achterhalen. In dit tweede deel kijken we naar het organisatiemodel en rol van de gemeente.

In het eerste deel van dit drieluik keken we naar de voorfase, hoe bepaal je als gemeente waar je kansen voor economische clusters liggen?

In 2016 kwam bij Twynstra Gudde de vraag binnen om een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren en vervolgens een advies te geven over het organisatiemodel achter The Hague Humanity Hub. ‘Het gaat bij dit soort ontwikkelingen om een inhoudelijk innovatievraagstuk van een specifieke markt’, zegt Daniëlle van Steeg, adviseur bij Twynstra Gudde.

‘De ontwikkeling van een hub is in dit geval het middel om tot innovatie te komen, partijen hebben een gedeeld belang en als ze gaan samenwerken, ontstaan er nieuwe businessmodellen, nieuwe werkgelegenheid en een sterkere economie. Dat verhaal was hier vanaf het begin heel helder en kansrijk, aangezien Den Haag al de stad van Vrede en Recht is. Het ecosysteem is er al.’

Initiatiefnemers clusterontwikkeling

‘Dan ben je er echter nog lang niet’, aldus Van Steeg. ‘Voor een succesvolle ontwikkeling, moet je nadenken over het organisatiemodel. Wie gaat het initiatief nemen en neemt hiermee het voortouw, van wie wordt het initiatief oftewel hoe beleg je het eigenaarschap en ook belangrijk, wie gaat investeren?’ 

Voor Van Steeg was het advies richting de gemeente Den Haag duidelijk. ‘Het belang van de ngo’s voor de gemeente is groot. Ze zijn een belangrijke economische pijler en Den Haag profileert zich nadrukkelijk met deze ngo’s. Als een sector zo belangrijk is en zo diep verankerd is binnen de gemeente, dan is het te verantwoorden als gemeente het vliegwiel op gang te brengen, door het proces en eventuele aanloopverliezen te financieren. Dit kan door financieel bij te dragen aan de ontwikkeling van een fysieke plek en geld te steken in de ontwikkeling van de programmering.’

'Het is verstandig om als gemeente, ondanks financiële bijdragen, de organisatie op afstand te zetten'

Na de consultatieronde van de gemeente binnen de ngo-sector werd al snel duidelijk dat er een fysieke plek moest komen, een campus. Van Steeg: ‘Van Steeg: ‘Voor die plek kun je huur vragen en dan heb je inkomsten, maar dan is er sprake van alleen een bedrijfsverzamelgebouw. De meerwaarde en de mogelijkheden tot innovatie wordt bepaald door de programmering, dus moet je programmamanager, al dan niet met een team, aanstellen.’

De adviseur van Twynstra Gudde vertelt dat het erg belangrijk is dat de hubontwikkeling iets wordt van de markt. ‘Het is verstandig om als gemeente, ondanks financiële bijdragen, de organisatie op afstand te zetten. Uiteindelijk gaat het om het vraagstuk dat leeft in de markt, bij de ngo’s, daar is de urgentie om te innoveren. Met minder geld, meer impact hebben.’

Zo zet je een clusterontwikkeling op afstand

Het initiële voorstel van Twynstra Gudde was dan ook om een coöperatie op te richten om sterker eigenaarschap te creëren, passend bij de sector. Dit vraagt echter een investering in tijd van de verschillende partijen. ‘Daar bleek echter te weinig draagvlak voor te zijn. Het werd gezien als een extra verplichting bovenop de reeds drukke werkzaamheden.’

Uiteindelijk is gekozen voor de oprichting van een stichting, die op afstand is geplaatst van de gemeente. Branko van Loon, programmamanager bij de gemeente Den Haag: ‘Wij zitten zelfs niet in de Raad van Toezicht. We mogen wel iemand aandragen, maar de stichting bepaalt wie er zitting nemen. Zoveel afstand is eng voor ambtenaren, omdat wij gewend zijn te kunnen sturen. Toch vinden we dat de gemeente niet van humanitaire hulpverlening is. Dat is het domein van de daarin gespecialiseerde organisaties. Daarom moeten wij als gemeente dus ook niet actief sturen op de inhoudelijke kant van de hub-ontwikkeling. Onze rol is initiëren, verbinden en faciliteren.’   

Maak duidelijke afspraken

Van Steeg: ‘De belangrijke les is dat je helder bent in de afspraken die je maakt. Communiceer binnen je gemeente hoe het construct eruitziet en werkt, zodat helder is wat de relatie is tussen de stichting en de gemeente. Geef zo’n ontwikkeling dan ook het vertrouwen en bepaal vooraf wanneer het op eigen benen moet staan. Zo is er bij de hub voor gekozen om voor een periode van 5 jaar een subsidie in de vorm van een exploitatiebijdrage te verstrekken. Het vijfjaarstermijn is een reëel tijdspad om te bepalen of de markt de noodzaak van de hub erkent en ook waardeert. Het eigenaarschap ligt volledig bij de partijen die met de inhoud bezig zijn.’

Van Loon geeft aan dat het mooi is om te zien dat het initiatief aanslaat. ‘Op internationaal niveau is er niet een plek waar ngo’s, bedrijfsleven, overheden en kennisinstellingen zo intensief samenwerken Als dit op zo’n schaal gebeurt, dan zijn wij spekkoper.’

In deel 3 meer over de fysieke plek van The Hague Humanity Hub, maar vooral hoe er wordt gewerkt aan communityvorming. Directeur Jill Wilkinson legt uit hoe ze via drie lijnen wil werken aan innovatie in de Haagse hub.

Lees ook: Hoe je als gemeente bepaalt waar je clusterkansen liggen

Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl