Interview Melissa Ablett, directeur Cambridge Innovation Center

Het Cambridge Innovation Center heeft startup-huisvesting en community building tot kunst verheven. Binnen 18 maanden breidt het centrum uit, produceerden haar huurders 104 voltijdbanen voor Rotterdam en hebben bedrijven de stap naar de West Coast gemaakt. Vandaag presenteert het centrum haar Impact Report en uitbreidingsplannen.

Begin 2016 interviewden we Marcus Fernhout over het nieuw te openen Cambridge Innovation Center (lees hier). Fernhout zocht ooit twintig vierkante meter voor zijn eerste onderneming, maar mocht enkel de volledige 5.500 vierkanter meter aan de Delftse Plein huren. Dus deed hij dat en zo startte zijn carrière als makelaar.

Jaren later zag het Cambridge Innovation Center in Boston Fernhout als de aangewezen persoon om het CIC in Rotterdam uit te rollen. In zijn kielzog trok Melissa Ablett vanuit Boston naar Rotterdam om de dagelijkse gang van zaken te leiden. Met haar praten we over de afgelopen twee jaar: wat is er gekomen van de nap room, vergaderruimtes voor 22 minuten en werkweken van 90 uur?

Hoe waren de afgelopen 18 maanden?

‘Hectisch. Al snel na de opening waren we eigenlijk volgeboekt en dat is voor een startup-plek natuurlijk niet goed. Het plan was altijd om door te groeien van 4.000 m2 naar 12.000 m2, maar dat we zo snel zouden kunnen uitbreiden hadden we niet verwacht. Volgeboekt zijn is ook lastig omdat startups alleen maar groter worden. Met houtje-touwtje-oplossingen hebben we het gered, maar de uitbreiding is zeer wenselijk. Ons grootste bedrijf bestaat uit bijna 40 mensen, het Global Centre of Excellence on Climate Adaptation vestigt zich bij ons zitten en ook financier Innovation Quarter gaat meer werknemers in CIC plaatsen. De interesse is groot.’

Bedrijven sluiten een contract voor 30 dagen met jullie, ben je niet bang het momentum kwijt te raken?

‘Nee, niet echt. We moeten kwaliteit leveren aan onze klanten, dat houdt ons scherp. Als je een pand zoekt voor je bedrijf wil je het liefst snel beslissen en niet lang een contract sluiten. De ervaring leert ons dat bedrijven na ongeveer vijf jaar doorgroeien naar een andere plek of dat ze al eerder stoppen, maar dan zitten ze bij ons niet vast aan een contract.’

Hoe ziet een werkdag er voor jou uit?

‘Het grootste gedeelte van mijn tijd werk ik als connector. Ik probeer bedrijven die hier zitten zo goed mogelijk te helpen met mijn netwerk en het netwerk van het CIC. Ruim 1500 bedrijven worden gehost door het CIC en dat vergroot de kans dat iemand in de Verenigde Staten een startup uit Rotterdam kan helpen. Zo hielpen we bijvoorbeeld onlangs nog een bedrijf dat zich bezighoudt met sportstatistieken met het regelen van afspraken bij grote football clubs in de Verenigde Staten. Dichter bij huis investeren we veel in onze relaties in het Rotterdamse ecosysteem, denk aan StartupDelta, Erasmus Universiteit en Innovation Quarter.’

In hoeverre verschillen jullie van al die andere innovatiehubs?

‘Veel innovatiehubs hebben schitterende verhalen en mooie marketingpitches, maar hier in Rotterdam zie je dat de mensen de stad beter willen maken. Er zitten makers spaces, de universiteit biedt een prachtige nieuwe aanwas van jonge ondernemers en wij focussen ons meer op bedrijven die iets verder zijn en een paar werknemers in dienst hebben. De potentie is heel groot en dat zijn we ook terug bij CIC. In Rotterdam werkt iedereen eigenlijk heel hard om er het beste van te maken. We blijven dromen. Nu hebben we ongeveer 150 bedrijfjes, maar dat aantal willen we verdubbelen de komende jaren. Uiteindelijk zou het mogelijk zijn om rond de 500 bedrijven te komen. Ervaring uit Miami en Boston leert dat dat aantal goed is. Veel groter moet je niet worden.’

Weten de Amerikanen de Nederlandse startups al te vinden?

‘Het gebeurt al wel, maar kan nog veel beter. We willen de komende jaren meer venture capitalists en angel investors aantrekken. Nederlanders investeren wel in startups, maar doen dat met minder hoge bedragen en zijn risicomijdend. Via verschillende programma’s hopen we dat te verhogen. Er zitten zoveel goede ideeën in Nederland en bij ons in CIC. We blijven werken aan de zichtbaarheid van onze startups via communicatie en events. Daarnaast blijven we ook de kwaliteit van de ondernemers verbeteren.’

'Nederlanders investeren wel in startups, maar doen dat met minder hoge bedragen en zijn risicomijdend.'

Tot slot, hoe zit het met die nap room?

‘Fantastisch. Dagelijks maken mensen daar gebruik van, maar dat is niet het enige. We hebben een massagekamer en twee masseurs beschikbaar, we geven meditatielessen en onlangs hadden we nog een karaokeavond. In het nieuwe gedeelte komt een secret room die je echt per toeval moet ontdekken. Wij bieden graag iets extra’s door middel van het pand, maar ook door extra diensten aan te bieden. Wie hard werkt, moet ook tijdig ontspannen. Veel startups zijn bij ons vanaf het begin en we zien ook dat als bedrijven het niet redden, de initiatiefnemers regelmatig een plek krijgen bij een ander bedrijf. Mensen zien startups vaak niet als job generators, maar onze startups hebben samen al 104 voltijdbanen gecreëerd.’

Het complete Impact Report leest u hier.
Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl