54 procent recyclemateriaal ingezet in bouw

Van alle EU-landen weet Nederland het grootste deel van de materialen opnieuw te gebruiken. Daar staat tegenover dat Nederland per inwoner ook de meeste afval produceert. Van alle sectoren produceert de bouw het meeste afval, maar maakt zij ook het meest gebruik van gerecyclede materialen. Dat meldt het CBS op basis van de gereviseerde Materiaalmonitor 2014-2016, dat het maakte in opdracht van het PBL.

Om iets te kunnen zeggen over de mate van circulariteit wordt de Circular Material Use Rate (CMUR) gehanteerd. Deze waarde geeft een indicatie van de verhouding tussen het hergebruik van materialen en het totale materiaalgebruik en maakt het zo mogelijk landen met elkaar te vergelijken. Volgens de berekening van Eurostat, die afwijkt van de methode die het CBS in haar rapport hanteert, heeft Nederland een CMUR van ongeveer 29. Daarmee laat het nummer 2 (Frankrijk, 19,5) en het gemiddelde van de EU (11,7) ver achter zich.

Afval

Tegelijkertijd produceert Nederland per inwoner 43 procent meer afval dan gemiddeld in de EU. Volgens het CBS is dit verschil vooral te wijten aan dierlijk en plantaardig afval uit de voedings- en genotmiddelenindustrie. Gekeken naar verschillende sectoren in Nederland, produceert de bouw het meeste afval, gevolgd door de voedingsmiddelenindustrie en landbouw. In 2016 bestond bijna een kwart van de productie in de bouw uit afval (sloopafval, afkomstig van bestaande gebouwen, wordt hierbij door het CBS buiten beschouwing gelaten). Dit ten opzichte van gemiddeld 11 procent voor alle sectoren.

Hergebruik

Tegelijkertijd passen de bouw, voedingsmiddelenindustrie en landbouw ook het grootste aandeel hergebruikte materialen toe. Van alle materialen die in Nederland gerecycled werden, werd bijna 54 procent gebruikt in de bouw, gevolgd door de landbouw (16 procent) en de voedingsmiddelenindustrie (10 procent). Gemiddeld bestaat in een productieproces bijna 15 procent van de materialen uit gerecyclede producten. In de bouw is dat 38 procent.

Economische waarde

De overheid heeft tot doel in 2050 volledig circulair te zijn. Naast een bijdrage aan het milieu worden met circulariteit ook economische voordelen behaald, zo blijkt uit de cijfers van het CBS. In 2016 was de circulaire economie goed voor een werkgelegenheid van 313 duizend voltijdsbanen en 32 miljard euro. De toegevoegde waarde zoals uitgedrukt in euro's is tussen 2014 en 2016 met bijna 6 procent gestegen.

Voor de binnenlandse consumptie werd in 2016 245 miljard kilogram materialen gebruikt. In 2014 was dat iets minder: 241 miljard kilogram. Nederland heeft een vrij grote materiaalinzet. Dit komt deels omdat het land ook veel producten exporteert.

Het CMUR zegt iets over de mate van circulariteit, maar laat de hoogwaardigheid van de materialen buiten beschouwing. Het CBS geeft hergebruik van puin als voorbeeld: bij het gebruik van slooponderdelen voor een nieuw gebouw is het waardebehoud groter dan bij het gebruik van diezelfde materialen voor wegen. Dat een land veel hergebruikt, betekent dus niet per definitie dat de materialen ook op de beste, meest duurzame manier worden ingezet.
Stadszaken
Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl