Foto: Gemeente Rotterdam

5 vragen over de Rotterdamse Zeiknota:

Rob Zwinkels, projectmanager bij de gemeente Rotterdam, zette tijdens de conferentie ‘Waar is het openbaar toilet?’ de aanpak van de zogeheten ‘Zeiknota’ uiteen. Daarin staat de bouw van toiletvoorzieningen en het toegankelijk maken van bestaande toiletten centraal.

‘Een gebrek aan openbare toiletten weerhoudt één op de vier buikpatiënten er regelmatig van om de deur uit te gaan. Dit blijkt uit onderzoek in opdracht van de Maag Lever Darm Stichting (MLDS), dat de patiëntenorganisatie 16 november presenteerde tijdens de ronde tafel conferentie ‘Waar is het openbaar toilet?’ Het onderzoek werd uitgevoerd door adviesbureau Ecorys onder 3.700 patiënten met maag-, darm- of incontinentieproblemen.

Vooral twee miljoen buikpatiënten en mensen met incontinentie ondervinden grote problemen met het tekort aan toiletten. De helft van hen heeft bij aandrang binnen vijf minuten een toilet nodig. En slechts één op de zes vindt binnen die tijd een toilet. Bovendien worden vier op de tien patiënten bij hoge nood weleens geweigerd bij een toilet.

Wat zijn de opbrengsten van de Zeiknota?

‘Wethouder Joost Eerdmans wil dat Rotterdam een gastvrije stad is met goede openbare toiletvoorzieningen. Daarvoor heeft hij in vier jaar tijd 1,6 miljoen beschikbaar. We kijken ook naar verdienmodellen met kiosken, kluisjes en reclameopbrengsten. Dat valt nog tegen, maar de gemeente wil er toch in investeren. We hebben jaarlijks 400.000 euro op de begroting staan voor nieuwe toiletvoorzieningen en 200.000 euro voor onderhoud en schoonmaken. Vanaf dit jaar gaan we er zo’n vier per jaar neerzetten. We plaatsen ze in de uitgaansgebieden in het centrum en in groengebieden, waar kinderen en ouders veel komen.'

Is het handig om een nota Zeiknota te noemen?

‘De wethouder noemde het zelf zo, maar toen wij het op de omslag hadden gezet schrok hij even en vroeg zich af of het niet te grof was. Het schijnt dat sommige ambtenaren niks met openbare toiletten hebben. Als ik daar een substantieel budget voor krijg en nuttige voorzieningen kan realiseren, dan maak ik daar ruimte voor. We hebben er soms stevige gesprekken over gevoerd om de eerste unit op 21 september op te leveren. Dat is gelukt.’

Hoe ziet u het streven van de Maag Lever Darm Stichting naar een openbaar toilet per 500 meter? Wat is uw ideale plaatje?

‘In het centrum van Rotterdam is dat wel wenselijk, maar er zijn ook situaties waar het wat minder kan. Ik zou willen dat we jaarlijks budget houden, ook na de verkiezingen, om ook de bestaande units te vervangen. Ik wil wel structureel geld op de begroting om er units bij te bouwen. Onderhoud aan sanitaire voorzieningen horen standaard in de gemeente begroting moeten staan.’

Wat zijn belangrijke knelpunten op dit moment?

‘In Rotterdam is er nog altijd een ‘plasroute’ waar het nachtelijk publiek in donkere hoekjes blijft wildplassen. Daar willen we zogeheten  Uriliften te plaatsen. Dat zijn urinoirs die ’s nachts omhoog worden gezet en overdag weer onder de grond verdwijnen. Inmiddels staan er tien in de stad, alleen daar hebben vrouwen niets aan.  Dat is nog een knelpunt. Een knelpunt is natuurlijk ook dat mensen niet meer het centrum ingaan door een tekort aan openbare wc’s. Dat is natuurlijk te gek voor woorden. Wat stomadragers bijvoorbeeld meemaken als ze hoge nood hebben is beschamend. Dat we daarin in een rijk land als Nederland niet kunnen voorzien is erg.’

In Duitsland bestaat ‘die nette Toilette’ waarbij gemeenten winkeliers een vergoeding bieden voor het openstellen van toiletten. Denkt u ook aan zulke oplossingen?

‘Dat hebben we wel besproken, maar dat levert niets concreets op. Als je dat doet en het wordt een succes, komt dat misschien uit op exorbitante bedragen. Dat moet je dan ook weer controleren en dat wordt lastig. Als een ondernemer € 50 per maand ontvangt, laat hij dan ook echt iedereen toe of vraagt hij klanten iets te consumeren?’
‘We hebben voor de Zeiknota 300 horecaondernemers bezocht en gevraagd of ze voor ‘de gastvrije stad’ voor iedereen een toegankelijk toilet hebben. En of er een sticker op de deur mag voor ‘Gastvrij Rotterdam’. Veel ondernemers blijken huiverig om deel te nemen aan de Hoge Nood-app, waarmee openbare toiletten te vinden zijn. Dan zeggen ze: we hebben het wel, maar we willen niet dat iedereen er gebruik van maakt. Toiletten openstellen vergt een mentaliteitsverandering zoals bij het roken. Dat duurde ook twintig jaar. We bekijken of we gaan samenwerken met de initiatiefnemers van de Hoge Nood-app om via de Toilettour aandacht te vragen voor het tekort aan openbare toiletten.’