Naar alle waarschijnlijkheid zal in 2025 een groot deel van het vervoer elektrisch rijden. Volgens Vereniging van Elektrische Rijders (VER) moeten gemeenten goed anticiperen op het elektrisch vervoer (EV) door een goede laadinfrastructuur voor elektrische auto's, bussen en dergelijke te realiseren.

De VER en Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben onderzoek gedaan naar hoe goed gemeenten zijn voorbereid op het elektrisch rijden. De grootste uitdaging volgens de gemeenten is het plaatsen van genoeg laadpalen en wat dit zal doen voor de verkeersdruk. Daarnaast moeten verbindingen met aardgasaansluitingen verdwijnen zodat men sneller geneigd is om elektrische vervoersmiddelen te gebruiken.

Uit het onderzoek blijkt dat vooral kleinere gemeenten nog een grote slag moeten maken naar het elektrisch vervoer (EV) beleid. Daarnaast duurt het plaatsen van een laadpaal bij meer dan de helft van gemeenten langer dan drie maanden, deze lange duur heeft te maken met de aanleg- en inspraakprocedures en ook met de capaciteit van de bedrijven die de palen plaatsen. De mate waarin de laadpalen worden aangevraagd per gemeente loopt erg uiteen. Sommige gemeente zien het EV als een particuliere zaak en nemen dan ook geen aanvragen voor laadpalen in behandeling.

De laadplekken voor de elektrische auto's fungeren ook als parkeerplek waardoor ze vaak worden bezet door elektrische auto's die niet aan het opladen zijn. De VER stelt daarom dat er een verschil moeten worden gemaakt tussen laad en parkeerplekken zodat zoveel mogelijk auto's kunnen opladen. Het blijkt dat het gemeentelijk beleid zich vooral richt op het plaatsen van laadpalen. Het is voor gemeenten handig al ze zich aansluiten bij een regionaal contract voor het plaatsen van de laadpalen omdat dit de werkdruk verlaagt, stelt het VER. Op dit moment zijn 61 procent van de gemeente aangesloten bij een regionaal contract.

 

 

 

 

Stadszaken

 

Stadszaken
Paulus Borstraat 41 3812 TA Amersfoort
redactie@stadszaken.nl