Overstappen van fossiele vormen van energie naar nieuwe vormen zoals wind, zon, of geothermie vereist investeringen. Niet alleen in technologie, maar ook in mensen. Investeringen in scholing, het aantrekken van mensen en begeleiding zijn nodig. Dit stelt de Sociaal Economische Raad (SER) in het Ontwerpadvies Energietransitie en werkgelegenheid.

Marriete Hamer, voorzitter SER, stelt: 'De energietransitie biedt kansen op meer werk, innovatie en een duurzamer klimaat. Daarvoor zijn investeringen nodig in mensen, in technologie en scholing. Knelpunten op de arbeidsmarkt moeten dringend worden opgelost. Er moet veel gebeuren, en gelukkig is er ook al veel gaande. Samen werken aan scholing, aan werkgelegenheid en innovatie, met werkgevers, werknemers, overheid, onderwijsinstellingen, landelijke en regionale organisaties is cruciaal voor het succes. Zodat iedereen mee kan blijven doen.'

Oplossingen voor tekorten

Volgens de SER zijn veel mensen nodig voor een tijdige en succesvolle omslag naar een duurzaam energiesysteem, terwijl op dit moment de tekorten snel oplopen. Het gaat vooral om technisch- en ICT-geschoolden op mbo- en hbo-niveau, om bijvoorbeeld nieuwe energie-installaties te bouwen en onderhouden, huizen aan te passen of te isoleren.

Werknemers- en werkgeversorganisaties moeten volgens de SER samen, op landelijk en sectoraal niveau, oplossingen zoeken voor de tekorten. Op regionaal niveau zijn al allerlei initiatieven gestart om mensen om- en bij te scholen, en meer mensen te betrekken.

Dit biedt ook kansen voor jongeren, zij-instromers, statushouders en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De arbeidsmarkt wordt hiermee inclusiever. De SER beveelt aan om deze initiatieven uit te breiden en meer diversiteit onder werknemers na te streven. Daarnaast werkt de SER al met veel partijen samen om een cultuur te scheppen waarin een leven lang ontwikkelen voor iedereen een vanzelfsprekendheid is.

Regionale samenwerking

De kansen op de arbeidsmarkt moeten volgens de SER regionaal worden bekeken en benut, omdat mensen veelal zoeken naar werk en scholing in de regio waarin ze wonen. De SER beveelt aan dat mbo- en hbo-scholen samen met ondernemers en gesteund door regionale O&O (opleiding en omscholing) fondsen, meer en sneller dan nu al gebeurt onderwijsprogramma’s maken die vaklieden afleveren met een goede basisopleiding.

Daarnaast hebben deze vaklieden de vaardigheid nodig om zicht vlot aan te kunnen passen aan veranderend werk. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen Rijk, installatiesector en mbo-opleidingen om het tekort aan opleidingsplaatsen voor installateurs weg te werken.

Volgens het advies hebben overheden hebben een taak in het helpen bij zoeken naar werk, scholing toegankelijk maken en opvang voor werknemers die mogelijk hun baan verliezen. Volgens de SER neemt het Rijk zo medeverantwoordelijkheid voor een eerlijke transitie, waarin ook de sociale gevolgen van de transitie worden opgevangen.

Werkgelegenheidsverlies opvangen

De SER stelt dat de energietransitie ook banen gaat kosten. Om dit te voorkomen is het volgens het advies van belang dat werkgevers en werknemers tijdig overleggen om van-werk-naar-werk trajecten te realiseren. Werknemers en werkgevers moeten samen initiatieven nemen, en nadenken over loopbaanadvies, opleidingsbudget en begeleiding van werk naar werk.

In bedrijven die werken in de fossiele energiesectoren zoals olie- en kolenwinning kan het gaan om grotere groepen werknemers. Daar is samenwerking met regionale instanties nodig. Volgens de SER heeft het Rijk hierbij een maatschappelijke verantwoordelijkheid om maatwerkregelingen te treffen, zoals bijvoorbeeld een sociaal vangnet voor de kolenketen (kolenfonds). De SER stelt voor dat het kabinet met sociale partners overlegt hoe hieraan invulling kan worden gegeven. 

Arbeidsvoorwaarden

Goede arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden zijn voor iedereen van belang, , maar vooral in nieuwe sectoren zoals bijvoorbeeld windenergie is het belangrijk om dit goed te regelen, stelt de SER. Soms ontbreekt het nog aan gereguleerd overleg tussen werknemers en werkgevers, daarin moet snel verandering komen.

De SER signaleert het belang van goede monitoring van de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Dat is volgens de raad nodig om toekomstige behoeften tijdig te zien en daarop in te kunnen spelen, en om ingezet beleid te evalueren.