De brandbrief die Detailhandel Nederland aan gemeenten stuurde was verkeerd geadresseerd. Provincie, bouwers en banken dragen ook schuld aan de retailcrisis

De brandbrief die Detailhandel Nederland-voorzitter Guido van Woerkom afgelopen zaterdag aan gemeenten stuurde, schiet zijn doel voorbij. Ook bouwers, banken en niet in de laatste plaats provincies moeten worden aangesproken, stellen deskundigen in het veld.

In de brandbrief vraagt Van Woerkom gemeenten de parkeertarieven te verlagen. Daarnaast spreekt hij gemeenten aan op plannen voor 1,2 miljoen m² nieuwe winkelruimte, terwijl 30 procent van het actuele aanbod al overbodig is. Van Woerkom wijst op stedelijke herverkaveling als mogelijk instrument om leegstand te concentreren en nieuwe gebruiksmogelijkheden te creëren in de binnenstad.

Directeur Peter Nieland van Locatus gelooft in de heilzame werking van stedelijke herverkaveling, maar dit ‘verwinkelen’ zoals hij het noemt, heeft volgens hem alleen zin als er aan de voorkant wordt gerantsoeneerd op nieuwe winkelcentra. ‘Bij uitstek een taak van de provincie.’ En daar wringt de schoen. Nieland: ‘Afgelopen 10 jaar hebben de provincies vrijwel niets gedaan om ongebreidelde uitleg van winkelgebieden tegen te gaan en nog steeds nemen ze een afwachtende houding aan, terwijl provincies op grond van de Wet ruimtelijke ordening verantwoordelijk zijn voor het afstemmen van vraag en aanbod.'

‘Onze binnensteden verdienen een volwassen debat en geen ad hoc bühne-acties als gratis parkeren’

Het verbaasde Nieland dat de provincie Drenthe instemde met de wens van de gemeente Assen om ruimte te bieden aan een factory outlet center (FOC) bij het TT-circuit, terwijl in de binnenstad bijna 15 procent van de panden leegstaat. ‘Blijkbaar weegt het kortetermijnbelang van een gronddeal dan toch zwaarder dan het belang van een duurzame toekomst’, aldus Nieland.

Van Blokland (IVBN): ‘Geen nieuwe winkelcentra’

‘Wij hebben altijd al gevonden dat de provincie die bovengemeentelijke rol moet oppakken’, zegt directeur Frank van Blokland van de Vereniging van Institutionele Vastgoedbeleggers (IVBN). ‘Een aantal provincies doet dat ook goed, maar gezien de huidige ontwikkelingen in de markt is het zaak dat provincies zich duidelijker uitspreken en strenger over de schouder van de gemeente meekijken. Dat geldt met name voor de provincies Drenthe, Friesland, Groningen en Utrecht. Nu is het tijd om duidelijk te maken waar je staat.’

‘Uit een eerste inventarisatie blijkt dat er al 1,2 miljoen m² aan harde plannen boven de markt hangt. Alleen al aan bouwmarkten kom je zo op 450.000 m², daar komen nog 150.000 aan outlet-, hypermarkt- en leisuredome-plannen bij.’

Van Blokland is net als Nieland verbaasd over het provinciale fiat voor het FOC Assen. Maar ook de ontwikkeling van een FOC in Zoetermeer kan op zijn scepsis rekenen, omdat er in de Zoetermeerse binnenstad nog steeds winkels leegstaan. ‘En voor FOC Sugar City in Halfweg kun je je afvragen of zo’n koopparadijs aan de rand van de stad nog wenselijk is, gezien de ontwikkelingen in de markt. Maar dat plan bevindt zich volgens mij al in een vergevorderd stadium. Wij zijn van mening dat de provincie geen nieuwe winkelcentra moet toestaan buiten de reguliere retailgebieden’, besluit Van Blokland.

Waar zijn Bouwend Nederland, Neprom en Vereniging van Banken?

Het stoort lector Cees-Jan Pen van Fontys Hogescholen dat er ondertussen niet naar de markt wordt gewezen. Pen: ‘Ja, provincies hebben de rol gekregen toe te zien op duurzame verstedelijking en moeten die rol beter oppakken. Maar waarom stuurt Detailhandel Nederland geen brandbrief naar Bouwend Nederland, de Neprom en de Vereniging van Banken? Het is makkelijk om altijd maar naar de overheid te wijzen. Ik vind dat de bouwers en de banken zich tot nog toe wel heel erg stilhouden, terwijl we nog dagelijks met de gevolgen van het kortetermijndenken in die sector worden geconfronteerd. De echte problemen in de retailmarkt zijn nog maar net begonnen en de maatschappelijke gevolgen zijn groter, al was het maar voor onze binnensteden.’

‘Publieke én private partijen moeten nu als de wiedeweerga onkruid wieden, hakken en zagen. Pas dan heeft de noodzakelijke verduurzaming van de retailsector zin’

Pen: ‘Onze binnensteden verdienen een volwassen debat en geen ad hoc bühne-acties als gratis parkeren of je verschuilen achter webshoppen, of de geringe innovaties van bijvoorbeeld de V&D. Voer debat in de volle breedte en laat je niet gijzelen door retail-ellende. Uit een eerste inventarisatie blijkt dat er al 1,2 miljoen m² aan harde plannen boven de markt hangt. Alleen al aan bouwmarkten kom je zo op 450.000m², daar komen nog 150.000m² aan outlet-, hypermarkt- en leisuredome-plannen bij. Deze 1,2 miljoen is een voorzichtige inschatting, want veel regio’s hebben in bestaande bestemmingsplannen nog veel ruimte voor retail. Alleen weten ze niet hoeveel. Lange tijd werd van plint tot periferie retail toegestaan om plannen dicht te rekenen. Maar publieke en private partijen moeten nu als de wiedeweerga onkruid wieden, hakken en zagen. Pas dan heeft de noodzakelijke verduurzaming van de retailsector zin. Op steeds meer plekken zie je besef toenemen dat er wat moet gebeuren, alleen gaat dit nog te lief en langzaam. Het is te veel zachte-heelmeester-beleid, terwijl we nu moeten ingrijpen.’

'Wat zich ook lijkt te wreken is dat het hoofdbedrijfschap retail en de KvK zijn verdwenen. Wie spreekt de sector op het gedrag aan? Dat laatste lijkt me wel weer een taak voor het Rijk: nodig alle grote bouwmarkten eens uit voor een dialoog. Alle publiek en privaat betrokkenen hebben het probleem gezamenlijk veroorzaakt en zijn gezamenlijk aan zet’, besluit Pen.

Gerelateerde artikelen: 
http://www.stadszaken.nl/economie/retail/markthalmania
http://www.stadszaken.nl/economie/retail/binnenstadscrisis-schudt-provincies-wakker