14 februari 2018 13:01 uur

NEPROM: schrap 'bovenwettelijke eisen' uit de Crisis- en herstelwet zoals vergaande duurzaamheidseisen ten faveure van de bouwproductie.

Jan Fokkema: 'Bovenwettenlijke eisen zetten rem op woningbouw'

Vergaande aanpassing van de Crisis- en herstelwet en een aantal andere maatregelen zijn nodig om de woningbouwproductie een zeer gewenste steun in de rug geven. Dat bepleit de vereniging van projectontwikkelaars (NEPROM) vandaag in een brief aan minister Ollongren van BZK. Opvallend detail: 'bovenwettelijke eisen' uit de Crisis- en herstelwet zoals vergaande duurzaamheidseisen moeten aangepast worden ten faveure van de productie.

De maatregelen zouden geen gevolgen hebben voor de kwaliteit en de betaalbaarheid, aldus de NEPROM in een perscommuniqué.

Recentelijk kondigde minister Ollongren van BZK aan dat zij wettelijke maatregelen wil treffen om de woningproductie te versnellen. In reactie daarop stelt de NEPROM groot aantal maatregelen voor waaronder ingrijpende aanpassingen van de Crisis- en herstelwet (Chw). Het totale pakket aan maatregelen moet tot een aanzienlijke bekorting leiden van de tijd tussen initiatief en realisatie.

Op dit moment kunnen projecten die onder de Chw vallen, bepaalde ontheffingen verkrijgen van verschillende wetten, waaronder de Wet ruimtelijke ordening (Wro).

De NEPROM stelt voor om de Chw aan te passen en veel vaker te benutten voor het versnellen van woningbouwprojecten. NEPROM-directeur Jan Fokkema: 'Woningbouwprojecten kunnen dan bijvoorbeeld gebruik maken van kortere procedures bij de Raad van State. Ook stellen we voor om anders om te gaan met schadeclaims, waardoor die tot minder vertragingen leiden zonder aantasting van de rechtsbescherming van burgers. Verder willen we graag dat de Crisis- en herstelwet niet langer gebruikt mag worden voor projecten waar initiatiefnemers worden gedwongen om bovenwettelijke maatregelen te treffen, zoals vergaande duurzaamheidseisen of zeer stringente regulering van middeldure huurwoningen. Dat soort extra eisen leidt juist tot kostenverhoging en vertraging.'

Naast een groot aantal andere praktische maatregelen stelt de NEPROM voor om de Ladder voor Duurzame Verstedelijking buiten werking te stellen voor woningbouw binnen bestaand stedelijk gebied en de ladder zodanig aan te passen dat gemeenten en provincies voortaan woningbouwplannen mogen vaststellen voor een plancapaciteit tot 130%. Het gebruik van de ladder ten behoeve van zuinig ruimtegebruik en de bescherming van de open ruimte staat voor de NEPROM niet te discussie. De ontwikkelaars beklemtonen in hun brief aan de minister dat te treffen maatregelen niet tot concessies aan kwaliteit en betaalbaarheid mogen leiden.